Henri uit Havelte is een van de eerste dronepiloten van Defensie. 'We kunnen drones op een meter afstand van het doel laten vliegen'
In dit artikel:
In Oirschot is woensdag de Task Force Drones van Defensie officieel opgericht. De eenheid begint met ongeveer 200 militairen — waaronder Henri en Huub uit Havelte — en telt nu 600 vacatures; dat moet oplopen naar 1.200 functies in 2028. Alle drie infanteriebrigades krijgen vanaf compagnieniveau eigen dronespecialisten; voor het noorden betekent dat naast Havelte ook inzet vanuit de luchtmobiele brigade in Assen.
De maatregel volgt uit lessen uit de oorlog in Oekraïne, waar zowel verkennings- als aanvalsdrones en tegenmaatregelen een doorslaggevende rol spelen. Commandant der landstrijdkrachten Jan Swillens benadrukt de snelheid van ontwikkeling aan het front: “De drone die vorige week nieuw was, kan vandaag verouderd zijn.” Oekraïne profiteert volgens hem van civiele dronebouwers die met Chinese onderdelen en direct contact met frontpiloten snel aanpassingen doorvoeren — iets wat westerse legers door regels en productieprocessen minder vlot kunnen kopiëren.
Defensie werkt samen met TNO, het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum en bedrijven aan ontwikkeling en inzet van drones en anti-dronewapens. Praktijkervaringen uit Havelte tonen dat teams drones kunnen sturen op coördinaten met meternauwkeurigheid over afstanden tot ongeveer 7 kilometer; Henri is inmiddels ook instructeur voor nieuwe piloten. Defensie ziet daarnaast mogelijkheden om burgers via reservisten of een dienstjaar bij te laten dragen aan weerbaarheid en technologische schaalvergroting. Internationaal wisselt Nederland veel informatie uit binnen de NAVO, onder andere met Finland en Noorwegen, over dreigingen en tactieken rondom dronevoering.