Hartmut Haenchen zong als 8-jarige al in de Matthäus Passion van Bach. Op zijn 83ste dirigeert hij hem voor het eerst, bij het NNO

woensdag, 25 maart 2026 (18:26) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Hartmut Haenchen (83), chef-dirigent van het Noord Nederlands Orkest, staat dit voorjaar voor het eerst in zijn leven voor Bachs Matthäus Passion. Hoewel hij het werk sinds zijn jeugd kent — hij zong al op achtjarige leeftijd in het openingskoor en doorliep later alle koorstemmen in het Dresdner Kreuzchor, om uiteindelijk als bariton Christus en basaria’s uit te voeren — is deze uitvoering een bewuste eigen bewerking, ingegeven door zowel traditie als persoonlijke ervaring.

Haenchen groeide op in Dresden en beschrijft een andere uitvoeringstraditie dan de romantische lezing van Jochum of de pioniers van de barokbeweging zoals Harnoncourt. Hij erkent dat de historisch geïnformeerde uitvoeringspraktijk dingen heeft verbeterd (snellere recitatieven, andere tempi), maar verzet zich tegen het dogma dat bijvoorbeeld vibrato niet thuishoort in barokmuziek. Hij wijst op historische bronnen die vibrato als gebruikelijke versiering noemen, en benadrukt dat dynamische nuances destijds veel verfijnder waren dan men nu vaak hoort. Ook wijst hij erop dat stemming (toonhoogte) vroeger regionaal verschilde en dat blinde navolging van moderne voorbeelden soms van de originele bronnen vervreemd.

De Matthäus bij het NNO werd aangeboden door artistiek leider Marcel Mandos; Haenchen plant ook volgend jaar het Weihnachtsoratorium. Hij heeft eerder meerdere Johannespassies geleid maar kreeg destijds de Matthäus niet aangeboden — de directie wilde specialisten. Zijn benadering laat ruimte voor dramatiek: Bach’s passie heeft operatische trekken en sommige momenten mogen die dramatische lading ook expliciet krijgen. Solisten mogen vibrato gebruiken, mits beheerst; zijn voorkeur voor jongensstemmen (zoals in historische uitvoeringen) wordt beperkt door Nederlandse wetgeving, dus kiest hij voor vrouwenstemmen en geen countertenoren, omdat Bach die niet gebruikte in dit werk.

Haenchen benadrukt dat “authentiek” spelen een illusie is: wij zijn moderne luisteraars en musici en moeten muziek voor mensen maken, niet louter voor muziekwetenschappers. Persoonlijk achtergrondkleur: opgevoed in een atheïstisch gezin in de DDR, liet hij zich op veertienjarige leeftijd evangelisch dopen en noemt hij het passieverhaal nog steeds actueel en relevant.

Praktische informatie: het Noord Nederlands Orkest, het Noord Nederlands Kamerkoor en het Roder Jongenskoor voeren de Matthäus Passion uit op 27 maart in DNK (Assen), 28 maart in De Harmonie (Leeuwarden), 31 maart in De Lawei (Drachten) en 1 april in De Oosterpoort (Groningen). Solisten zijn onder anderen Kieran Carrel (evangelist), Arttu Kataja (Jezus), Tobias Berndt (bariton), Judith Spießer (sopraan), Marie Seidler (alt) en Jan Petryka (tenor op 31/3 en 1/4).