'Goddelijkheid verschijnt in de blik van de zorg vragende medemens'

maandag, 20 april 2026 (08:00) - Friesch Dagblad

In dit artikel:

Dirk De Wachter (66), prominente Belgische psychiater en bestsellerauteur, profileert zich als een soort „seculiere priester”: gevormd door een rooms-katholieke jeugd in Boom maar werkzaam in een ontkerkelijkte samenleving zoekt hij het goddelijke niet in dogma’s maar in zorg voor de medemens. In een gesprek in zijn Antwerpse woning licht hij zijn nieuwe boek Wachten toe en verbind daarvan bredere levens- en maatschappijvisies: pleidooien voor geduld, luisteren, terughoudendheid en respect tegenover de neiging tot impulsieve, emotioneel gedreven communicatie.

Zijn werk — onder meer Borderline Times en De kunst van het ongelukkig zijn — combineert klinische ervaring met filosofische inspiratie (o.a. Emmanuel Levinas, Heidegger) en poëtische maatschappijkritiek. Met Wachten wil De Wachter niet met pasklare recepten komen, maar gedachten aanreiken die tegen de huidige drukte en doordrammende cultuur ingaan: ruimte geven aan verdriet, tijd nemen om te luisteren, en kleine daden van goedheid (la petite bonté) belangrijker achten dan spectaculaire oplossingen. Hij stelt dat spreken wél nodig is — hij bewondert de Nederlandse openheid — maar dat spreken zonder luisteren en zonder geduld weinig oplevert.

De Wachter vertelt hoe zijn gezin en twee ooms, priesters van oudere generaties, hem hebben beïnvloed: liturgische taal, missionaire ervaringen en het ritueel van kerkbezoek vormden zijn jeugd. Hoewel de kerkelijke praktijk in Vlaanderen bijna verdwenen is, ziet hij spiritualiteit niet wegvloeien; het spirituele, zo betoogt hij, blijft in de menselijke ontmoeting aanwezig. Hij noemt zichzelf bewust een „christelijke non-theïst”: een poging om christelijke waarden door te geven zonder theïstisch dogma. Voor hem openbaart het goddelijke zich horizontaal, in de concrete oproep van een medemens die zorg nodig heeft.

Persoonlijker onderwerpen passeren ook: De Wachter werd in 2021 behandeld voor kanker. Medisch gezien zat hij in de onzekere marge — hij noemt een vijfjaarsoverlevingskans van ongeveer 40 procent — maar hij voelt zich momenteel goed omringd en probeert ongemak en vergankelijkheid te verdragen. De nabijheid van de dood versterkt naar zijn zeggen de drang naar betekenis en het belang van zorg voor anderen: de eindigheid van het leven dwingt tot het zoeken naar zin.

Sociaal-maatschappelijk maakt hij zich zorgen over individualisme en de ontbinding van duurzame gezinsverbanden; hij pleit expliciet voor prioriteit van ouderschap boven carrière en waarschuwt voor de emotionele tol van verwaarlozing of mishandeling in gezinnen. Tegelijk toont hij hoop: jonge mensen engageren zich nog steeds voor elkaar en voor maatschappelijke thema’s als armoede en migratie, wat volgens hem perspectief biedt.

De Wachter bewaakt zijn bereikbaarheid naar een breed publiek: hij vermijdt te expliciet Bijbels taalgebruik omdat hij uiteenlopende lezers wil blijven aanspreken — ook kritische humanisten — maar houdt vast aan een kernboodschap van medemenselijkheid, verbondenheid en het nemen van tijd voor het lijden en de ander. Zijn boeken en optredens fungeren zo als een seculier, ethisch appel op langzamer, zorgzamer samenleven in een snelle en luidruchtige tijd.