Gemeenteraadsverkiezingen: heel belangrijk, en toch niet populair

zondag, 1 maart 2026 (19:00) - Friesch Dagblad

In dit artikel:

Op 18 maart vinden in Nederland de gemeenteraadsverkiezingen plaats — in feite 340 afzonderlijke stembusslagen, omdat in elke gemeente andere dossiers en partijen een rol spelen. Gemeenteraden worden slechts eens per vier jaar gekozen; valt een college tussentijds, dan leidt dat niet tot nieuwe verkiezingen maar tot onderhandelingen binnen de raad voor een nieuw college.

Gemeenten zijn de uitvoerders van veel dagelijks beleid: ze maken bestemmingsplannen, bepalen waar huizen en bedrijven komen, ondersteunen cultuur en verenigingen, leggen en onderhouden wegen, regelen jeugdzorg, wijkzorg en mantelzorgondersteuning, voeren de burgerlijke stand en verstrekken uitkeringen en tegemoetkomingen. Daarmee beïnvloeden ze het leven van bewoners vaak directer dan de rijksoverheid.

Tegelijkertijd daalt de opkomst. In 2022 stemde nog maar 49,62% van de kiesgerechtigden — een verontrustend laag percentage voor een bestuurslaag met zoveel invloed. Oorzaken zijn onder meer krimpende lokale media (minder aandacht en bekendheid voor raadsleden en wethouders), en grotere gemeenten door fusies waardoor het bestuur verder van inwoners komt te staan. Sinds 2000 is het aantal gemeenten meer dan gehalveerd, wat lokale binding kan verzwakken.

Een opvallende ontwikkeling is de kracht van lokale partijen. Vier jaar geleden haalden zij gezamenlijk bijna 36% van de stemmen, aanzienlijk meer dan landelijke partijen als CDA en VVD (elk ~11,6%). Lokale partijen variëren sterk: sommige ontstaan rond één actueel thema of een populaire lokale politicus, andere zijn al decennialang stabiel. Historisch gezien waren lokale lijsten vooral gebruikelijk in zuidelijke katholieke gebieden; na ontzuiling en rond 2000 groeide een nieuwe golf van lokalen uit onvrede over Haagse partijen.

Het is lastig om uitslagen op gemeentelijk niveau direct te vertalen naar landelijke conclusies. Hoewel in het verleden slechte gemeentelijke resultaten landelijke leidinggevenden kostten (bijvoorbeeld het vertrek van Jozias van Aartsen in 2006), is dat nu minder waarschijnlijk: de Tweede Kamerverkiezingen zijn net achter de rug en de landelijke politiek is nog in herschikking. Bovendien doen sommige landelijke partijen slechts in een beperkt aantal gemeenten mee (bijvoorbeeld de PVV in ongeveer veertig gemeenten).

Deze gemeenteraadsverkiezingen benadrukken het lokale karakter van politiek en besluitvorming: wie de lokale politiek volgt of wil beïnvloeden, kan veel direct terugzien in de leefomgeving — mits men de moeite neemt te stemmen of zich lokaal te engageren. Dit artikel is het eerste in een serie in aanloop naar de verkiezingen op 18 maart.