Gaan miljoenen muizen in de Friese weilanden straks de kievitskuikens redden? Vogelwacht put hoop uit muizenplaag
In dit artikel:
Maandag werden vier eerste kievitseieren gemeld en dinsdag nog eens zes, waarna vogelwachters in Wiuwert gespannen wachten op een vondst uit Achtkarspelen: dat zou de laatste “eerste” van het jaar betekenen en daarmee het seizoen voor de actie afsluiten. Ongeveer een week eerder kreeg Drachtster Auke Tuinstra de Sulveren Ljip voor het ontdekken van het allereerste Friese kievitsei.
Bij de Bond Friese Vogelwachten (BFVW) verklaart beleidsmedewerker Inge van der Zee dat de vondsten vroeg én in snel tempo kwamen; het voorjaarweer zette de vogels aan tot vroege leg en trok veel eierzoekers de velden in, waardoor meerdere nesten kort achter elkaar werden gevonden. Dat was extra verrassend omdat er nog onlangs winterkou en sneeuw lag; kieviten volgen vaak de vorstgrens en weken bij bevroren grond tijdelijk uit naar Frankrijk en Engeland. Daardoor verschenen de eerste eieren dit jaar vooral in het zuiden van Friesland en daarna noordwaarts, waar de sneeuw langer bleef liggen.
Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat kieviten in veertig jaar tijd gemiddeld tien dagen eerder gaan leggen, een verschuiving die samenhangt met klimaatverandering. Een snelle start van het weidevogelseizoen zegt echter niets over het aantal succesvolle, vliegvlugge kuikens. Vooralsnog is er wel enige hoop door een ongewoon grote muizenstand in delen van de provincie: roofdieren en marters jagen nu vooral op muizen, waardoor de druk op jonge kieviten en grutto’s mogelijk vermindert. Van der Zee waarschuwt tegelijk dat dat voordeel verdwijnt zodra de muizenvoorraad opdroogt — dan kan predatie sterk toenemen.