Frustratie bij vuurwerkhandelaar Ronald uit Marrum: 'Dit plan is te belachelijk voor woorden'
In dit artikel:
Vuurwerkverkoper Ronald Kuipers uit Marrum zit met veel onzekerheid omdat het landelijke verbod op consumentenvuurwerk zijn investering van rond de 20.000 euro in een vuurwerkbunker bijna waardeloos heeft gemaakt. „Ik kan de bunker wel afbreken,” zegt hij, verwijzend naar de leegstaande opslag die hij minder dan twee jaar geleden liet bouwen op basis van de verwachting dat regels ongewijzigd zouden blijven.
Het kabinet wil getroffen ondernemers financieel compenseren: handelaren zouden één jaar winst vergoed krijgen plus 15 procent en een extra 3.500 euro per bedrijf; importeurs krijgen aanzienlijk meer — drie keer de jaarwinst en vergoeding voor aanvullende schadeposten. Kuipers noemt het onderscheid onterecht en ongelofelijk, omdat veel importeurs volgens hem ook andere producten verkopen (voorbeeld: Lesli en Broekhoff met tuinmeubelen of strandartikelen) en bovendien de mogelijkheid hebben om hun waren in Duitsland of België af te zetten.
Voor Kuipers betekent het verbod direct zo'n 20 procent verlies op de jaaromzet. Het kabinet wil het verbod per 1 augustus laten ingaan, een tempo dat hij ‘erdoorheen rammen’ noemt gezien de veelheid aan onduidelijkheden. De Raad van State gaf maandag een kritisch advies: de voorgestelde ontheffingen voor verenigingen zijn te makkelijk te verkrijgen, zo luidt de vrees. In het plan mogen clubs maximaal 200 kilo afsteken op een terrein dat bereikbaar is voor hulpdiensten; levering zou pas op 31 december mogen plaatsvinden, iets wat naar verwachting door importeurs zelf wordt georganiseerd.
Praktische knelpunten houden Kuipers ook bezig. Als hij fungeert als verdeelpunt voor importeurs, moet de bunker gekeurd worden en zullen de vergoedingen (bijv. per pakket) die hij kan vragen de kosten niet dekken. Bovendien kost het oprichten van een stichting om toestemming te krijgen al snel ongeveer 1.500 euro en een burgemeester kan aanvragen alsnog weigeren. Kuipers benadrukt dat de branche al voor complexe uitvoeringsproblemen waarschuwde, maar dat men destijds als doemdenker werd bestempeld. Nu ontbreekt volgens hem vooral duidelijkheid over wie precies welke vergoeding krijgt en hoe logistiek en regelgeving in de praktijk gaan uitpakken.