'Friesch Dagblad'-journalist Ate Hoekstra zit vast in Cambodja door de oorlog in het Midden-Oosten: 'Het spijt ons, uw vlucht is geannuleerd'

vrijdag, 13 maart 2026 (15:00) - Friesch Dagblad

In dit artikel:

Friesch Dagblad-journalist Ate Hoekstra zat met zijn gezin in Cambodja toen de oorlog tussen westerse coalities en Iran plots wereldwijde reistroom lamlegde. Op zondag 1 maart, de dag na de eerste Amerikaans-Israëlische aanval op Iran volgens het verslag, bereikte hem het nieuws dat Iraanse raket- en droneaanvallen leidden tot sluiting van het luchtruim boven grote delen van het Midden-Oosten. Dat raakte vooral de grote transit-hubs in Doha, Dubai en Abu Dhabi; luchtvaartmaatschappijen als Qatar Airways, Emirates en Etihad hielden dagenlang veel toestellen aan de grond.

Voor reizigers vanuit landen zonder directe verbindingen met Europa, zoals Cambodja, betekende dat directe gevolgschade. Hoekstra en zijn gezin waren op vakantie en zouden via Abu Dhabi naar Nederland terugvliegen, maar zagen hoe steeds meer vluchten werden geannuleerd of onbetrouwbaar raakten. Vluchten die wél nog te boeken waren, werden veel duurder — soms vier tot tienmaal het normale tarief — en vervangende plaatsen waren schaars. Terwijl hun eigen terugvlucht aanvankelijk nog in de planning stond, kregen ze uiteindelijk 36 uur voor vertrek een annulering. De maatschappij bood een alternatieve verbinding een week later via Rome aan; die werd geaccepteerd. Later wijzigde de boeking opnieuw: definitief vertrek werd vastgesteld op 19 maart, nog eens vijf dagen uitgesteld.

De lokale impact in Cambodja was zichtbaar en direct: hotels, restaurants en reisorganisaties in Siem Reap zagen boekingen massaal teruglopen. Een hoteleigenaar meldde dat ongeveer dertig procent van de reserveringen in enkele dagen was geannuleerd. In buurland Thailand daalde het aantal binnenkomende toeristen in iets meer dan een week met bijna 6 procent; Europese bezoekers daalden in negen dagen zelfs ruim 14 procent. Daarnaast waarschuwden lokale ondernemers dat de oorlog brandstofprijzen opdrijft, wat reizen en kosten voor toeristen nog onaantrekkelijker maakt.

Niet iedereen had Hoekstra’s relatief comfortabele noodoplossing: hij schrijft over Cambodjanen, Thai en Vietnamezen die vastzaten in Engeland zonder geld en met verlopen visa, een veel precairdere situatie. Voor veel reizigers was het wachten op het moment dat het luchtruim boven de Golfstaten weer veilig en open verklaard zou worden — een onzekere maatregel die individuele plannen en hele lokale economieën op pauze zette.

Persoonlijk leidde de vertraging tot directe praktische en emotionele gevolgen: de dochter van Hoekstra zou een week school missen, hijzelf zijn werk en zelfs deelname aan de gemeenteraadsverkiezingen in Nederland kwam in gevaar. Tegelijkertijd benadrukt hij dat de familie in Cambodja relatief veilig zat en kon rekenen op een woning in Phnom Penh die door familieleden werd beheerd — een luxe die veel gestrande reizigers niet hadden.

Het verhaal illustreert hoe regionale militaire escalaties razendsnel mondiale netwerken verstoren: de afhankelijkheid van enkele grote Midden-Oosterse luchthavens als doorvoerpunten maakt zowel individuele reizigers als toerisme-afhankelijke economieën in Zuidoost-Azië bijzonder kwetsbaar. Hoekstra besluit met de aarzeling tussen frustratie en relativering: het ongemak is groot, maar zijn gezin is in ieder geval veilig — en hopelijk binnen een week weer thuis.