Fors bezuinigen én investeren. Wat gunt de oppositie experiment Jetten I?

vrijdag, 30 januari 2026 (20:12) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Rob Jetten (D66), Dilan Yesilgöz (VVD) en Henri Bontenbal (CDA) presenteerden vrijdag na vijf dagen overleg in een ruimte zonder daglicht hun coalitieakkoord, dat zich nadrukkelijk wil afzetten tegen het beleid van Schoof I. De formatie verliep opvallend rustig en vrijwel lekvrij; informateur Rianne Letschert noemt de samenstelling een experiment omdat het kabinet als minderheidscoalitie vaak steun buiten de Kamer zal moeten zoeken — ook bij maatschappelijke organisaties — om wetsvoorstellen door te krijgen.

Het akkoord bevat flinke ambities: het stikstoffonds van circa 20 miljard wordt heringevoerd om ruimtelijke projecten mogelijk te maken, er moeten jaarlijks 100.000 woningen worden gebouwd, eerder doorgevoerde onderwijsbezuinigingen worden teruggedraaid en er komt circa 19 miljard extra naar defensie. Tegelijk kiest het kabinet voor strengere begrotingsregels dan Europa voorschrijft (2% tekort in plaats van 3%), waardoor er voor een groot deel bezuinigd moet worden in zorg en sociale zekerheid.

Concreet betekent dit onder meer dat het eigen risico niet meer wordt gehalveerd en wordt geïndexeerd (ongeveer €460), de duur van de ww-uitkering wordt teruggebracht van twee naar één jaar en de AOW-leeftijd wordt vanaf 2033 gekoppeld aan de levensverwachting. Samen goed voor zo’n 6,5 miljard aan bezuinigingen. Deze mix van investeringen en aanscherpingen valt rechts politiserend uit; GroenLinks-PvdA zal naar verwachting veel maatregelen niet steunen.

Jetten benadrukt dat er ook D66-prioriteiten in staan — zoals extra geld voor onderwijs, ontwikkelingssamenwerking en versnelde klimaatinspanningen — maar de praktische invulling van ministersposten en de vraag welke partijen bij de voorjaarsbegroting meerderheden leveren, moeten de komende weken duidelijk maken of het kabinet zijn plannen kan uitvoeren.