Fokke Jan Vonck (88) uit De Tike en kroonprins Willem-Alexander waren tijdens de Elfstedentocht van 1986 de hele dag vrienden
In dit artikel:
Op 26 februari 1986 reed de toen 18‑jarige kroonprins Willem‑Alexander — onder het pseudoniem W.A. van Buren — de Elfstedentocht. Zijn begeleider die dag was Fokke Jan Vonck, destijds inspecteur bij de rijksrecherche uit Stiens (nu De Tike). Vonck kreeg het verzoek op 25 februari van beveiligingsman Henk de Hoop: zorg dat de kroonprins de tocht ongemerkt en goed verzorgd kon uitrijden. Hij hoefde niet te schaatsen, maar moest onderweg eten, drinken en steun regelen en de dag logistiek coördineren.
Vonck haalde de prins vroeg in de ochtend op bij een motel in Ryptsjerk; Willem‑Alexander had geslapen bij commissaris Hans Wiegel in Gytsjerk en droeg een jas met het sigarettenmerk Marlboro. De begeleiding verliep via afgesproken ontmoetingsplaatsen en portofoons; Vonck stuurde de chauffeur naar plekken waar de prins makkelijk te bereiken was. Aanvankelijk moest de kronprins ‘ongezien’ het ijs op, maar vanaf Hindeloopen was zijn deelname publiek bekend.
Onderweg voorzag Vonck hem van eenvoudige voedingsmiddelen — onder andere poedermelk, een hardgekookt ei en een worstenbroodje — en verzorgde hij pijnlijke blaren met pleisters bij Wier. Het zwaarste deel was na Dokkum; de kroonprins had weinig kilometers in de benen vooraf (langste training circa 65 km) en voelde de vermoeidheid duidelijk. Rond het laatste deel bleek een onbekende man de prins te ondersteunen; die ‘vierde man’ bleek later uit de buurt van Breda te komen en werd door koningin Beatrix bedankt.
Bij de finish in Leeuwarden vonden koninginnedag Beatrix en prins Claus de tocht voor zover zij konden volgen met een helikopter; op televisiebeelden is Vonck herkenbaar in een witte jas, met een zwarte ringbaard (nu grijs), terwijl hij bloemen vasthoudt die hij later aan de beveiligers gaf. De Elfstedentocht van 1986 werd voor de tweede keer op rij gewonnen door Evert van Benthem.
Veertig jaar later koestert Vonck de herinnering: de dag verliep gemoedelijk en persoonlijk; hij en de toenmalige kroonprins raakten die dag op slag met elkaar bevriend. De anekdotes illustreren niet alleen de praktijk van koninklijke beveiliging en begeleiding, maar ook de informele, menselijke kant van een bijzondere sportieve prestatie in de Nederlandse cultuurgeschiedenis — een nationaal evenement dat door zijn zeldzaamheid en ontberingen veel waardering oproept.