EU moet spelregels opstellen voor belasten megawinsten door oorlog, pandemie, het weer of andere crisisfactor | LC commentaar
In dit artikel:
Shell staat naar verwachting donderdag met een flinke winstcijfers en een tussentijds dividend in de schijnwerpers, nadat concurrenten als BP en TotalEnergies sterke eerstekwartaalresultaten publiceerden. TotalEnergies boekte bijvoorbeeld een nettoresultaat van circa 5 miljard euro, een stijging van ruim 50 procent. Sinds 28 februari, toen de Amerikaans-Israëlische aanval op Iran leidde tot een vrijwel volledige afsluiting van de Straat van Hormuz, stegen aandelen van olie- en gasbedrijven gemiddeld ongeveer 29 procent — tot vreugde van beleggers maar tot ergernis van consumenten die gebukt gaan onder hoge energiekosten.
Die megawinst voedt in meerdere landen opnieuw de discussie over een extra heffing op uitzonderlijke winsten. In Frankrijk pleiten linkse partijen voor een eenmalige heffing van 20 procent; ook in Nederland klinken voorstellen, zoals een crisisprofiteur-belasting van de SP en het idee van GroenLinks-PvdA-leider Jesse Klaver voor een maximale brandstofprijs aan de pomp. Minister van Financiën Eelco Heinen staat hier niet afwijzend tegenover, maar waarschuwt dat zulke maatregelen alleen effectief en juridisch houdbaar zijn als ze op Europees niveau worden doorgevoerd.
Critici wijzen erop dat de extra opbrengsten niet het resultaat zijn van ondernemersrisico of innovatie, maar van geopolitieke omstandigheden. De schrijver pleit voor duidelijke, uniforme EU-regels over overwinstbelastingen — mede omdat vergelijkbare discussies tijdens eerdere crises (bijvoorbeeld de energiecrisis van 2022) ook al tot ad-hocmaatregelen en onduidelijkheid leidden.