Esmée (29) en Cees-Bert (33) gaan op landgoed Klein Jagtlust wonen in Oranjewoud en vinden oorlogsschat. 'Dit is best spannend'

woensdag, 18 maart 2026 (10:12) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

In de tuinmanswoning van landgoed Klein Jagtlust in Oranjewoud hebben aanstaande bewoners Cees‑Bert de Wolff (33) en Esmée Kuipers (29) tijdens verbouwingswerk onverwacht een kleine oorlogsschat gevonden: tien tot vijftien onderduikkaarten uit 1945, verstopt onder een los plankje op zolder. Het stel, dat binnen ongeveer acht weken wil verhuizen, ontdekte de papieren toen een aannemer bezig was met elektra en isolatie.

De formulieren, deels opgerold en door vocht en mogelijk resten van cement of hout aangetast, blijken registratieformulieren te zijn die vlak na de bevrijding werden gebruikt door verzetsmensen en de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO). Met zo’n kaart kreeg iemand erkenning als ondergedoken persoon en kon men aanspraak maken op distributiebonnen die na de oorlog nog nodig waren. Otto Kuipers van historisch centrum Tresoar in Leeuwarden benadrukt dat er al duizenden van dit soort kaarten bewaard zijn, maar dat elk exemplaar uniek is en behoud verdient. Foto’s wijzen erop dat het hier om zogenaamde doorslagen (kopieën met carbonpapier) gaat; mogelijk zijn de originelen eerder bij de LO ingeleverd en bleven deze kopieën ergens achter.

Amateurhistoricus Sipke de Wind uit Leek (68), die recent een boek over het verzet in Groningen publiceerde, plaatst de vondst in de context van Klein Jagtlusts geschiedenis. Het landgoed behoorde tijdens de oorlog tot de familie Lups, die onderduikers uit verschillende delen van Nederland in huis had. Juist in de chaotische dagen na de bevrijding probeerde de LO zoveel mogelijk gegevens vast te leggen, wat de aanwezigheid van deze formulieren verklaart—maar niet waarom kopieën zijn verborgen op zolder.

Voor De Wolff en Kuipers roept de vondst veel vragen op: zaten de genoemde personen daadwerkelijk in de tuinmanswoning, in het hoofdgebouw of elders op het landgoed? Kunnen ze nog familie of nazaten traceren? Hun nieuwsgierigheid heeft geleid tot voorzichtig onderzoek met foto’s en internet; ze overwegen professionele hulp van historische instellingen om een completer beeld te krijgen. De emotie is merkbaar: enthousiasme over het nieuwe huis mengt zich met respect en verwondering over de levens die daar tijdens de oorlog schuilgingen.

De vondst benadrukt zowel de praktische rol van onderduikkaarten in de naoorlogse periode als het blijvende historische belang van lokale ontdekkingen. Wie meer wil weten over regionale verzetsactiviteiten kan het boek van Sipke de Wind raadplegen: Verzetsgroep de Groot in Groningen (192 pagina’s), dat op 10 april officieel wordt gepresenteerd en via sdwboeken.nl verkrijgbaar is. De kaarten zelf zullen naar verwachting ook door deskundigen beoordeeld worden om ze te bewaren en de verhalen achter de namen te traceren.