Er is een verschil tussen afkeer en walging

zaterdag, 6 juni 2026 (10:00) - Friesch Dagblad

In dit artikel:

Recent onderzoek onder Nederlandse kiezers (het Nationaal Kiezersonderzoek) toont grote emotionele kloofen tussen electoraten en signaleert zorgwekkende houdingen bij aanhangers van Forum voor Democratie (FVD). Terwijl 25 procent van alle respondenten aangeeft ‘sterke afkeer’ van de politiek te hebben, ligt dat aandeel bij FVD-stemmers op 63 procent. Ook ervaren FVD’ers veel vaker walging over de staat van Nederland: 63 procent versus iets meer dan 40 procent bij PVV’ers en circa 12 procent gemiddeld.

Die emotieverschillen vertalen zich in opvattingen over democratie en geweld: 6 procent van alle Nederlanders vindt dat de democratie, mocht die slecht functioneren, desnoods met geweld omvergeworpen mag worden. Onder PVV’ers is dat 10 procent; bij FVD’ers zelfs 25 procent. Angst en woede komen bij PVV- en FVD-stemmers veel voor, maar walging onderscheidt vooral de FVD-aanhang.

De cijfers hangen samen met politieke ontwikkelingen: het ontstaan van een minderheidskabinet en de teleurstelling van veel kiezers — bijvoorbeeld D66‑kiezers die zich verruild voelen — versterken wantrouwen. In de Tweede Kamer weerspiegelt het gedrag van FVD’ers die emotie: hun fractie vertoont veel interne onrust, leden houden nevenfuncties aan en tonen volgens het artikel weinig respect voor routinematig Kamerwerk, in contrast met PVV’ers die zich meer aan procedures houden.

De auteur onderscheidt twee reacties op politieke onvrede: angst en woede kunnen leiden tot politieke betrokkenheid en dialoog; walging daarentegen zit dichter bij afkeer en uitsluiting en kan het draagvlak voor geweld vergroten. Conclusie: de hoge mate van walging en de relatief grote acceptatie van geweld onder FVD-kiezers vormen een directe uitdaging voor de stabiliteit en legitimiteit van de Nederlandse democratische cultuur.