Emmy (88) uit Oentsjerk komt haar huis weer uit dankzij ferbiner Jildert: 'Hij nam me mee naar de bingo'
In dit artikel:
In de dorpen van Trynwâlden groeit een georganiseerde vorm van burenhulp die bewoners ondersteunt zodat zij zo lang mogelijk zelfstandig en prettig thuis kunnen blijven wonen. Het initiatief Trynwâlderein, gestart in 2020, verbindt vrijwilligers (zogenoemde ferbiners), twee betaalde dorpsondersteuners en professionele zorgverleners met elkaar en met inwoners die praktische of sociale hulp nodig hebben.
Afgelopen oktober is het project ‘Thuis in de Trynwâlden’ van start gegaan: twee dorpsondersteuners bezochten 25 inwoners in verschillende dorpen, samen met wijkverpleegkundigen en praktijkondersteuners. De gesprekken inventariseerden of mensen hulp hebben, hoe zij hun zelfstandigheid ervaren en welke extra ondersteuning gewenst is. Vaak bleek de situatie redelijk goed, maar er kwamen ook thema’s naar voren zoals eenzaamheid, overbelaste mantelzorgers en vervoersproblemen.
Concrete matches volgen snel. Voor 88‑jarige Emmy van Delft uit Oentsjerk, die minder mobiel werd nadat ze haar auto wegdeed, betekende het project dat een vrijwilliger haar mee op de duofiets nam en anderen boodschappen en culturele uitjes regelden. Vrijwillig verbindster Annie van Dijk hielp een man die twee jaar nauwelijks zijn huis uitkwam weer aan wandelmaatjes en contact; zijn stemming verbeterde zichtbaar. Binnenkort komt er ook een elektrische wijkauto, ‘Tryn’s ferfier’, voor vervoer van minder mobiele inwoners.
De aanpak omvat nu ongeveer 80 hulpbieders en een groeiend aantal hulpvragers; in totaal zijn rond de 450 mensen verbonden aan het netwerk. Belangrijk is dat de dorpsondersteuner structureel samenwerkt met professionals: zij zit wekelijks bij de huisarts, waardoor medische vragen soms als sociale of praktische hulpvragen worden herkend en rechtstreeks door het netwerk kunnen worden opgepakt. Thuiszorgmedewerkers merken dat vrijwilligerswerk in sommige gevallen professionele zorg kan aanvullen of geleidelijk vervangen, waardoor zwaardere zorgbehoeften kunnen worden uitgesteld.
Het ministerie van VWS subsidieerde het project met 200.000 euro. Daarbij is een onderzoek van de Vrije Universiteit gekoppeld: deelnemers vullen vragenlijsten in bij aanvang en na zes maanden om te meten welke effecten de georganiseerde burenhulp heeft op zelfstandig wonen en welzijn. De initiatiefnemers willen de werkwijze na de subsidieperiode structureel verankeren en voeren daarvoor gesprekken met zorgverzekeraars en de gemeente Tytsjerksteradiel.
Doel en meerwaarde zijn tweeledig: het verbetert sociale samenhang en het leven van individuele inwoners (minder eenzaamheid, meer participatie, praktische ondersteuning) en het kan maatschappelijke kosten besparen door minder beroep op professionele of intramurale zorg. De voorbeelden uit Oentsjerk laten zien hoe relatief kleinschalige, lokale matches grote impact hebben op levenskwaliteit — van gezamenlijke fietstochten en museabezoeken tot hulp bij douchen, administratie of tuinonderhoud — zolang vrijwilligers en professionals goed op elkaar zijn aangesloten.