Een Terschellinger havenkade en andere infraprojecten waar Friese Kamerleden zich hard voor maken in Den Haag
In dit artikel:
Maandag voert de Tweede Kamer in Den Haag een lang debat over het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT): welke rijksprojecten voor wegen, vaarwegen, bruggen, spoor en woonwijken de komende jaren geld en prioriteit krijgen. Het gesprek duurt naar verwachting zo’n tien uur en gaat vooral over de vraag in hoeverre Fryslân naar rato wordt meegenomen, terwijl het kabinet demissionair is en weinig nieuw geld kan uitgeven.
Friese Kamerleden hebben zich vooraf gebundeld. Habtamu de Hoop (GroenLinks-PvdA), Luciënne Boelsma (CDA) en Maarten Goudzwaard (JA21) zitten in de Kamercommissie infrastructuur en hebben samen met collega’s Harry Bevers (VVD), Marieke Vellinga (D66) en Femke Wiersma (BBB) prioriteiten voor Friesland afgestemd. Ze zullen minister Robert Tieman (BBB) en staatssecretaris Thierry Aartsen (VVD) aanspreken op concrete knelpunten en financiering.
Belangrijkste Friese dossiers:
- De spoorbrug over het Van Harinxmakanaal bij Leeuwarden moet vervangen worden door een spooraquaduct. Er staat 100 miljoen opzij, maar naar schatting is nog circa 200 miljoen extra nodig. Friese parlementariërs willen dat dit in de volgende MIRT-begroting wordt vastgelegd.
- Vervanging van meerdere bruggen over de Lemmer–Delfzijlvaarweg: het ministerie noemt onder meer Uitwellingerga, Spannenburg en Kootstertille, maar volgens Boelsma ontbreekt Skûlenboarch onterecht op de lijst. Snel handelen is cruciaal om verbreking van verkeersverbindingen en lokale fileproblemen te voorkomen.
- De Terschellinger havenkade (Skylge) dreigt afgeschreven te worden; dat zou betekenen dat bussen en vrachtwagens vanaf de veerboot niet meer het eiland op kunnen. De gemeente heeft al 15 miljoen gereserveerd, maar dat is volgens De Hoop onvoldoende; hij eist rijksbijdrage.
- Elektrificatie van de noordelijke spoorlijnen staat hoog op de agenda van De Hoop: de fractie wil af van dieseltreinen vanwege CO2-uitstoot en vraagt om besluitvorming en kostenbeeldvorming dit jaar.
Daarnaast vestigt Boelsma de aandacht op de ongelijke verdeling van rijksinfrastructuurgeld: het Noorden en Zeeland ontvangen samen slechts een zeer klein deel van de middelen, terwijl er volgens haar juist kansen liggen voor nieuwe woonbouw in die regio’s. Het ministerie heeft toegezegd te onderzoeken hoe randregio’s meer kunnen profiteren.
Op nationaal niveau volgt ook de discussie over de Lelylijn: econoom Klaas Knot presenteert vrijdag een advies over financieringsmogelijkheden. Het project heeft grootschalige middelen nodig (schattingen lopen richting 14,5 miljard terwijl eerdere reservepotten waren leeggehaald). Sommige Friese Kamerleden pleiten voor andere financieringsvormen of versoepeling van regels die voortgang blokkeren.
De mogelijkheden voor direct nieuw beleid zijn beperkt doordat het kabinet demissionair is; Kamerleden kunnen wel opdrachten en wensen meegeven voor de volgende MIRT-begroting en druk blijven zetten — bijvoorbeeld met moties — om vaart te houden. Naast politieke onzekerheid remmen ook het stikstofdossier, personeelstekorten en een backlog van onderhoud bij Rijkswaterstaat (ruim €34 mrd) de uitvoering van projecten. De Friese afvaardiging zal komende week proberen die knelpunten te vertalen naar concrete toezeggingen voor de provincie.