Door eigenzinnig beeldend kunstenaar Jan Roos (74) groeide Harlingen boven zichzelf uit
In dit artikel:
Beeldend kunstenaar Jan Roos (74) uit Harlingen is woensdag overleden; hij kampte al ruim een jaar met ziekte. Roos geldt als een van de meest toonaangevende schilders van Noord-Nederland en bracht zijn hele leven door in zijn geboorteplaats, waar hij decennialang het havenleven vastlegde.
Zijn werk concentreerde zich aanvankelijk rond werf Welgelegen, later vooral rond de havens van Harlingen toen de werf werd gesaneerd. Roos portretteerde lassers, laders en lossers, roestige schepen, uitgewaaide netten, touwen en steigers met meeuwen — alledaagse elementen die hij in een eigenzinnig, stoer en spontaan expressionisme omzette. Zijn beeldtaal bleef consistent door de jaren en kende altijd een monumentale inslag, ongeacht of hij op ansichtkaartformaat of op doeken van enkele meters werkte.
Kenmerkend was zijn werkwijze: buiten tekenen en schilderen, vaak laag bij de grond met klemborden en zware metalen om grote vellen papier te fixeren. Hij gebruikte kleurstiften, krijt en houtskool uit zijn broekzak, en schilderde later met zelfgemaakte verf en zelfgemaakte perspectiefraampjes. Een van zijn uitspraken over het schetsen van een meeuw vat zijn directe aanpak samen: “Ja, je moet snel wezen, want anders is hij weg.” Roos gaf de werkelijkheid geen letterlijkheden; hij transformeerde soms lelijke fabrieksgebouwen tot abstracte vlakken zodat andere elementen sterker naar voren kwamen.
Een deel van zijn oeuvre is te zien in Museum Belvédère, en een groter deel is verzameld in een nieuwe monografie; recent verscheen ook een documentaire van FryslânDOK over hem. Roos laat een vrouw, twee kinderen en een kleinkind achter. Zijn werk blijft als beeld van Harlingen — en breder als maritiem en industrieel erfgoed — een blijvende invloed uitoefenen op de kunst in Noord-Nederland.