Doetie (56) uit Aldwâld wil geitenkaasjes maken, maar de buren zijn bang voor hun gezondheid
In dit artikel:
In Aldwâld is een conflict ontstaan rond Doetie’s Geiten, een kleine biodynamische geitenhouderij van boerin Doetie Trinks (56) die rauwmelkse kaas maakt en beweert op natuurbeschermende wijze te werken. Trinks, die drieënhalf jaar geleden naar het dorp verhuisde nadat haar pacht in Jubbega eindigde, houdt een kudde Toggenburg-geiten en verkoopt zelf op markten; haar bedrijf benadrukt buitenloop, kruidenrijke weiden en biologische productiewijzen.
Het geschil begon toen buurtbewoners, een ouder echtpaar op enkele honderden meters afstand, zich zorgen maakten over gezondheidrisico’s en het aantal dieren. Na een controle door de Fryske Utfieringstsjinst Miljeu en Omjouwing (FUMO) in de zomer van 2022 bleek Trinks meer geiten te hebben dan de melding van vijftig dieren vermeldde; er stonden toen zo’n 75 melkgeiten en tientallen jongere dieren. Trinks vroeg later vergunningen aan voor meer dieren en kreeg in de winter van 2024 van de gemeente toestemming voor 122 geiten (72 volwassen, 50 jongere). De buren bleven echter bezwaar maken en startten een reeks meldingen over geur, mestopslag, stikstof en aantallen, en zijn meerdere keren naar de rechter gestapt.
De gezondheidsargumenten van de buren verwijzen naar eerder onderzoek van RIVM, Universiteit Utrecht, Wageningen en Nivel (2017) dat een toename van longontstekingen in de buurt van geitenboerderijen aanwijst; recentere analyses van de Gezondheidsraad (december) signaleren een hoger risico voor mensen binnen 500 meter en adviseren uit voorzorg grotere afstanden bij nieuwe geitenhouderijen. De oorzaken blijven echter onduidelijk, en experts en de GGD benadrukken dat veel onderzoek vooral betrekking heeft op intensieve, stallenrijke bedrijven — minder te zeggen over kleinschalige, grazende bedrijven als dat van Trinks.
Naast gezondheidsdiscussies stuit Trinks op het stikstofvraagstuk: Nederland hanteert sinds een uitspraak van de Raad van State in 2019 strenge regels om natuurgebieden te beschermen, en latere uitspraken uit 2024 beperkten de mogelijkheden om stikstofruimte te salderen. Hoewel Trinks stikstofrechten probeerde te verwerven en een onafhankelijk ecologisch onderzoek liet doen (dat geen significante schade aan nabijgelegen Natura 2000-gebieden aantoonde), blokkeert de juridische onduidelijkheid over interne en externe saldering een definitieve natuurvergunning van de provincie. Daardoor zit ze in een spanningsveld: een door de gemeente afgegeven omgevingsvergunning om dieren te houden, maar geen geldige provinciale toestemming om stikstof te belasten — juridisch kwetsbaar, en onderwerp van nieuwe procedures.
De situatie escaleert af en toe: in maart 2025 constateerde een FUMO-controleur opnieuw meer volwassen geiten op het terrein dan in de vergunning staan (86 vs. 72), wat een nieuw handhavingsdossier en een lopende rechtszaak opleverde. De buren hebben via de Wet Open Overheid stallijsten opgevraagd en gebruiken die in hun procedure. Trinks en haar adviseurs betwisten interpretaties: zij stelt dat tellen op basis van stalbezetting anders beoordeeld moet worden omdat veel dieren buiten liepen.
De zaak heeft een sterke sociale lading in het dorp: Trinks kreeg steun (een petitie met ruim 2.400 handtekeningen, pro-geitenbordjes bij het dorpsfeest), terwijl de buren spreken van een principiële zaak en zorgen om hun gezondheid. De spanning heeft persoonlijke gevolgen voor Trinks; ze twijfelt of ze door kan gaan en voelt zich soms gestigmatiseerd: „Ben ik nu echt de vijand, ík?” Een onderzoeker van Wageningen (Bettina Bock) plaatst dit in een breder perspectief: conflicten tussen kleinschalige, duurzame boeren en omwonenden nemen toe omdat regelgeving vaak op industrieel bedrijf is afgestemd en steden en natuurgebieden strenger beschermd worden, waardoor één bezwaarmaker genoeg kan zijn om een kleinschalig initiatief plat te leggen.
Kortom: Trinks’ bedrijf illustreert de botsing tussen intenties voor kleinschalige, natuurinclusieve landbouw en een juridisch-ruimtelijk bestel dat is ingericht op beheersing van stikstof en volksgezondheidrisico’s. De ecologische signalen wijzen niet op schade door haar bedrijfsvoering, maar juridische onzekerheden en gezondheidsadviezen houden de procedures levend en maken de toekomst van Doetie’s Geiten ongewis.