Dmytro Sharpar | column Joost Oomen

vrijdag, 13 februari 2026 (16:12) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Dmytro Sharpar begon op jonge leeftijd met kunstrijden en maakte op zijn dertiende competitiegevoelens mee; hij wist medailles te winnen en werd met zijn ijsdanspartner geselecteerd voor de Jeugdspelen in Lillehammer (2011). Waar die carrière hoop en muziek op het ijs voorspelde, eindigde zijn leven twaalf jaar later op een loopgraaf bij Bachmoet: in januari 2023 werd hij door een Russische kogel gedood. In plaats van jurypunten en applaus klinkt er nu alleen oorlogsgeluid en vallen er explosies en sneeuw op zijn dode gezicht.

Zijn vrienden weigerden hem tot een anonieme statistiek te reduceren. De Oekraïense skeletonracer Vladyslav Heraskevytsj liet foto’s van Sharpar — en van andere door de oorlog omgekomen Oekraïense sporters — op zijn helm plaatsen om hen zichtbaar te houden. Dat gebaar werd door het Internationaal Olympisch Comité als politiek bestempeld; Heraskevytsj kreeg de helm verboden en werd bij weigering gediskwalificeerd.

De auteur stelt dat sport altijd politiek is, ook al wil het IOC dat liever niet erkennen, maar betoogt dat het herdenken van dode vrienden een diepe menselijke daad is, geen politieke provocatie. Door zulke rouwbetuigingen te verbieden, verandert het comité persoonlijke verhalen in speelbal van regels en wordt de herinnering aan gesneuvelde atleten ontnomen. De schrijver sluit af met een droeve wens: dat Sharpar, al was het in een andere sport, op het hoogste ereschavot had mogen staan.