Deze vijf Friese raadsleden vertellen over hun vertrek uit de gemeenteraad. 'Het is een hondenbaan'

dinsdag, 31 maart 2026 (07:43) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Vijf vertrekkende gemeenteraadsleden blikken terug op hun jaren in de lokale politiek en noemen uiteenlopende redenen voor hun vertrek: van geboorte en gezinskeuze tot partijwisselingen en verlies bij de verkiezingen.

Jacoline Engelmoer (54, Sneek) stond namens Nieuw Sociaal in de raad van Súdwest-Fryslân. Ze werd gedreven door de mogelijkheid om mensen concreet te helpen — bijvoorbeeld door regels aan de kaak te stellen die beperkingen oplegden aan rolstoelgebruikers — en door het voeren van gesprekken met inwoners. Tegelijk erkent ze dat het raadslidmaatschap veel tijd kostte naast haar werk in een Primera en een B&B. Toen haar partij geen zetel behaalde, eindigde haar periode: de kennis en inzet die ze opbouwde, voelt ze als verloren als ze niet opnieuw zou starten.

Durk Oosterhof (66) uit Drachten was twintig jaar actief in de raad van Smallingerland voor de FNP. Hij wilde geen toeschouwer zijn maar bijdragen, en fungeerde in turbulente periodes als stabiele factor. Recentelijk brak hij met de FNP toen die besloot ook aan landelijke verkiezingen mee te doen; voor Oosterhof hoort een regionaal georiënteerde partij niet in de Tweede Kamer. Hij pleit voor raadsleden die het algemeen belang boven partijpolitiek stellen en geeft het stokje graag aan jongere politici.

Simon ter Heide (71) uit Oldeberkoop zit meer dan twee decennia in de raad van Ooststellingwerf en heeft een bewogen periode achter de rug: na een herseninfarct in 2018 raakte hij tijdelijk uit zijn fractie en werd hij geroyeerd, maar hij kon later weer terugkeren. Zijn trots ligt vooral bij het realiseren van een actief grondbeleid dat gemeentelijke regie over woningbouwgrond terugbracht. Hoewel hij bij de verkiezingen niet genoeg stemmen haalde voor een zetel, blijft hij op de achtergrond betrokken en wil hij zich als commissielid inzetten tegen wat hij ervaart als provinciale bemoeienis met de Friese taal in zijn gemeente.

Doethyna Vriesema (33) van het CDA in Achtkarspelen illustreert de praktische kant van het raadslidmaatschap: op verkiezingsdag beviel ze van haar zoontje Fedde en moest ze in allerijl haar stem per volmacht regelen. Sinds 2018 was ze raadslid; nu kiest ze bewust meer tijd voor haar gezin. Ze wijst ook op een breder probleem: jonge mensen vinden het vaak moeilijk het werk in de raad te combineren met een baan en kinderen, terwijl juist zij verfrissende bijdragen kunnen leveren.

Ate Eijer (71) uit Jubbega – FNP – verloor zijn plek doordat andere kandidaten meer voorkeursstemmen haalden. Sinds 2010 actief, werd hij gewaardeerd als nuchtere bestuurder die zaken vanuit overzicht benaderde. Hoogtepunten voor hem zijn regels die het makkelijker maken een tweede woning op het erf te bouwen en kleine stappen om Fries gebruik in het gemeentehuis te bevorderen; teleurstelling was er over vastgelopen discussies rond een azc-locatie. Eijer blijft betrokken bij zijn fractie en staat op de lijst als mogelijke opvolger mocht een zetel vrijkomen.

Gezamenlijk tonen deze verhalen kenmerken van het lokale politieke werk: veel inzet en soms persoonlijke offers, sterke binding met inwoners en dossiers, interne partijenstrijd, en de uitdaging jongeren en werkende ouders te behouden voor de gemeentepolitiek. Enkele vertrekkers blijven actief achter de schermen, anderen geven het stokje met tegenzin door.