De Schijf van Vijf werkt niet. Tijd voor iets wat wél werkt | opinie
In dit artikel:
Deze maand presenteerde het Voedingscentrum een vernieuwde Schijf van Vijf: meer plantaardig eten, minder rood vlees en duurzaamheid explicieter geïntegreerd. De wetenschap achter het model is degelijk en de intentie serieus, maar volgens Jan Bles schiet de vernieuwing tekort omdat ze de cruciale gedragsvraag negeert: wat zullen mensen morgen wél doen?
Al tientallen jaren volgt minder dan 5 procent van de Nederlanders de Schijf van Vijf. Het model werkt als wetenschappelijk kader voor diëtisten, beleidsmakers en experts, maar niet als gedragsinstrument voor huishoudens. Bles betoogt dat informatie en richtlijnen op zich geen eetgewoonten veranderen: mensen kiezen vooral uit gewoonte, gemak, kosten, routine en wat hun gezin accepteert.
In plaats van te blijven finetunen van het ideale voedingspatroon pleit hij voor een praktische aanpak: kleine concrete stappen die herhaalbaar en haalbaar zijn. Voorbeelden zijn vaker onbewerkt eten, vaker plantaardige producten kiezen, vaste eetmomenten aanhouden en water of thee drinken — met realistische streefniveaus in plaats van perfectie. Zulke microveranderingen bouwen volgens gedragspsychologie geleidelijk aan nieuwe gewoonten en kunnen op de lange duur substantiële impact hebben.
Bles stelt dat het Voedingscentrum zijn gezag en bereik moet inzetten om gedrag te stimuleren, niet alleen om de cirkel opnieuw te ordenen. Zijn voorstel: naast de Schijf van Vijf een “Schijf van Gewoontes” introduceren als brug tussen wetenschappelijke richtlijnen en dagelijkse keuzes, en samenwerken met gedragswetenschappers, scholen, supermarkten en werkgevers om kleine, consistente gedragsveranderingen te bevorderen. De wetenschap staat volgens hem op orde — het ontbreekt nog aan effectieve vertaling naar de praktijk.
Jan Bles is voormalig managing director van FrieslandCampina en adviseur in de nationale en internationale voedingssector.