De naweeën van een koloniale oorlog in vaardig geschreven 'Kop' van Martin Hendriksma | ★★★☆☆

zaterdag, 28 maart 2026 (14:12) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

In Kop van Martin Hendriksma draait een kleine kansgreep in 1946 in Soerabaja uit op ingrijpende levensverschillen: Sybolt (uit Friesland, opgegroeid nabij Sneek) wint een muntworp en mag met Lien corresponderen; zijn kameraad Eddy verliest en krijgt een zwaarder, traumatischer lot. Hendriksma, na jaren non-fictiewerk terug bij een roman (de vorige roman verscheen in 2010), monteert twee verhaallijnen door elkaar. In het ene verhaal staat Lien centraal, rond de eeuwwisseling als weduwe van Sybolt, die onverwacht een brief van Eddy ontvangt en zich afvraagt wat er werkelijk met hem is gebeurd — in Sybolts brieven was Eddy eerst een kameraad, later veel minder zichtbaar.

De andere verhaallijn is consequent in de je-vorm geschreven en volgt Sybolt: zijn onderduik tijdens de Tweede Wereldoorlog in de buurt van Sneek en zijn vervolgens ongewilde betrokkenheid bij de koloniale oorlog in Nederlands-Indië. Zijn militaire aanmelding blijkt eerder een vlucht dan een bewuste keuze. Wie die je-verteller is, blijft lang onduidelijk; de uiteindelijke onthulling voelt voor de recensent iets minder overtuigend.

Centraal staat ook de breuk tussen Sybolt en Eddy in Nederlands-Indië en een gespannen, uitvoerig uitgesponnen ontmoeting tussen Eddy en Lien in een restaurant waarvan Eddy’s beweegredenen — erkenning, wraak of ontluchting — vaag blijven. Het boek is vaardig geschreven en behandelt de gevolgen van het kolonialisme voor Nederlandse betrokkenen, maar wekt vooral nieuwsgierigheid naar bijrollen, zoals de reconstructerende verteller. In het nawoord noemt Hendriksma een autobiografische kiem; de recensent suggereert ironisch dat een volgende keer misschien een echte autobiografie volgt. Score: ★★★☆☆. Uitgever: Alfabet, 236 blz., €23,99.