De laatste blikjes rollen van de band in de oude condensfabriek in Leeuwarden. 'De gouden letters nemen we mee'
In dit artikel:
De karakteristieke condensfabriek van FrieslandCampina aan de Merodestraat in Leeuwarden, al meer dan een eeuw een herkenbaar stadsbeeld, sluit deze week de deuren. Donderdag rollen de allerlaatste blikjes gezoete gecondenseerde melk van de band; honderden miljoenen consumenten wereldwijd hebben producten uit deze fabriek gebruikt. Het einde van de productie in het gebouw, dat sinds 1913 bestaat, raakt medewerkers en leidinggevenden: directeur Gerhard Pool spreekt van emotie en verlies, medewerkers noemen de locatie een tweede thuis.
Het complex, ingeklemd tussen het Nieuwe Kanaal en het spoor naar Groningen, groeide tussen de jaren twintig en tachtig organisch aan en heeft daardoor een wirwar aan verdiepingen, smalle trappen en verouderde ruimtes. Veel installaties zijn oud: de verdamper die hier al circa vijftig jaar draait vereist vakmanschap en “fingerspitzengefühl”, zeggen ervaren operators zoals Siebe van Huizen (63). Operator Geert Beers (60) werkt er al vijftig jaar en ervaart het sluiten als pijnlijk persoonlijk verlies.
De productieverschuiving is het gevolg van modernisering. Sinds 2021 staat aan de overkant van het spoor een nieuwe evaporatiefabriek en moderne stoominstallaties die veel functies van de oude locatie overnamen. In de jaren daarna werden poedertorens en het ketelhuis buiten gebruik gesteld; enkel de traditionele productie van gesuikerde gecondenseerde melk (ongeveer 40% suiker) bleef tot deze week in bedrijf. Het vullen van blikjes wordt voortaan grotendeels uitgevoerd door zuivelfabriek Hochwald in Bolsward; verpakkingen en afvulling voor sommige merken gebeuren in België (Aalter).
Van de 85 medewerkers in de oude fabriek (waarvan 21 uitzendkrachten) hebben de meesten een nieuwe baan gevonden binnen FrieslandCampina of kiezen voor vroegpensioen; enkelen verhuizen naar andere vestigingen, zoals de verpakking aan de Peter Stuyvesantweg, de kaasfabriek in Gerkesklooster of locaties in Noordwijk en Workum. Voor sommige werknemers betekent dat andere werktijden en meer weekenddiensten, wat praktisch en emotioneel zwaar kan zijn.
De laatste productiepartij krijgt een speciaal etiket als eerbetoon aan de fabriekshistorie en werknemers ontvangen een presentje. Volgende week is er een afscheid waarbij medewerkers per boot worden opgehaald — een knipoog naar 1913, toen melk per boot werd aangevoerd. Daarna wordt het pand grondig schoongemaakt en klaargemaakt voor verkoop, waarschijnlijk pas volgend jaar; de vergulde gevelletters van “Coöperatieve Condensfabriek Friesland” worden veiliggesteld en verplaatst naar de moderne locatie als stukje erfgoed.
Breder gezien illustreert de sluiting de trend binnen de voedingsindustrie: centralisatie en modernisering maken oude, gespecialiseerde installaties overbodig, terwijl merkactiviteiten en wereldwijde distributie onverminderd doorgaan (merken als Peak zijn in sommige landen zelfs bekender dan Coca-Cola). Voor Leeuwarden blijft met de nieuwe productielocatie aan de andere kant van het spoor wel een groot zuivelcluster met ongeveer zevenhonderd werknemers bestaan.