De giftige spiraal van te veel beloven en te weinig presteren
In dit artikel:
De Algemene Rekenkamer concludeerde tijdens Verantwoordingsdag dat het kabinet structureel meer belooft dan het waarmaakt. Het jaarlijkse rijkskasonderzoek, waarvan de persberichtkop dit jaar al vroegtijdig waarschuwde dat lange-termijndoelen uit zicht zijn, legde wederom flinke discrepanties bloot tussen politieke ambities en concrete uitvoering.
Een sprekend voorbeeld is Defensie: twee derde van de fouten bij aanbestedingen door de rijksoverheid zou bij dit ministerie vallen, met een financieel gevolg van circa 4,4 miljard euro. Vaak werd publiek aanbesteden achterwege gelaten zonder de verplichte motivering, en ook de fysieke beveiliging van defensieobjecten bleek nog niet op orde – medewerkers van de Rekenkamer konden eerder ongehinderd kazernes betreden. Tegelijk wil het kabinet juist hier miljarden extra steken; de analyse stelt vraagtekens bij zo’n reflex: extra uitgaven zijn vaker een politieke daad dan een gericht instrument om effectiviteit te vergroten.
Ook het asielbeleid illustreert de kloof tussen intenties en resultaat. Er wordt geregeld strengere wetgeving voorgesteld, terwijl de Rekenkamer constateert dat de gestelde doelen op het terrein niet gehaald worden. Dat sommige partijen desondanks blijven kiezen voor nieuwe maatregelen lijkt meer te maken te hebben met politieke profilering dan met bewezen doeltreffendheid — sommigen lijken zelfs gewilligd onoplosbare wanorde te laten voortduren.
De conclusie is breder: het patroon van overbeloven en onderleveren ondermijnt vertrouwen. In plaats van partijen die terughoudender beloven en beter presteren, zien we vaak dat juist nieuwkomers nóg hogere, simplistische beloften doen. Alleen kleinere initiatieven zoals Pieter Omtzgts NSC staken een andere toon, maar werden politiek hard afgerekend toen concrete resultaten uitbleven. De Rekenkamer waarschuwt hiermee voor een bestuurlijk deficit dat vraagt om betere besluitvorming en meer verantwoordingskracht.