Conflict in de top van Kwadrant voor de rechter uitgevochten. 'Stuitend, stuitend, stuitend'
In dit artikel:
Zorgorganisatie Kwadrant raakte eind vorig jaar verwikkeld in een conflict tussen de raad van bestuur en de HR-manager, die bijna tien jaar voor de organisatie werkte en leiding gaf aan circa honderd medewerkers. De ruzie ontstond tijdens een herijking van de strategie (doorgevoerd vanaf 2024) en een volgende reorganisatie waarbij per 1 mei een nieuw directieteam en clustermanagers worden ingevoerd; de functie van HR-manager zou daarbij komen te vervallen.
Uit ongerustheid over het innovatievermogen van HR liet bestuursvoorzitter Jan Maarten Nuijens samen met bestuurslid Mariska Roeters in maart 2025 de HR-afdeling onderzoeken door adviesbureau Leeuwendaal. Het onderzoek oordeelde scherp: de afdeling zou onvoldoende in staat zijn de organisatie te ondersteunen, medewerkers niet goed meekrijgen en er ontbrak verbondenheid en proactief leiderschap. Naar aanleiding daarvan werd de betreffende HR-manager in november afgewezen voor de nieuwe directiefunctie ‘directeur mens & organisatie’; de raad noemde haar onvoldoende geschikt vanwege tekorten in verbindend leiderschap en het ontbreken van concrete, uitvoerbare plannen.
De raad vroeg de manager vervolgens om persoonlijk op het rapport te reflecteren, maar zij weigerde uit angst niet veilig te zijn na de afwijzing en stelde dat zij intern met medewerkers wilde overleggen. De bestuurders vonden dat onacceptabel en gaven aan dat zij onder die omstandigheden niet kon blijven aanblijven. Er werd een beëindiging van het contract voorgesteld; de vrouw ging op vakantie en werd vlak voor het nieuwe jaar op non-actief gezet. Kwadrant bood haar later aan op projectbasis te blijven werken tot 1 mei, maar zij weigerde en stapte naar de kantonrechter om terugkeer en benoeming te eisen.
Tijdens de zitting escaleerden de emoties; Nuijens uitte fel kritiek — onder meer: „Met iemand van dit niveau kan ik niet werken.” De kantonrechter oordeelde dat het direct op non-actief stellen te ver ging en dat de vrouw in principe weer aan het werk moest kunnen, bijvoorbeeld in samenwerking met de kwartiermaker die de aanbevelingen uit het Leeuwendaal-rapport uitvoert. Hoewel de rechter Kwadrant binnen 48 uur herstel van haar functie zou hebben voorgeschreven, bereikten partijen uiteindelijk een minnelijke schikking; de precieze afspraken zijn niet openbaar gemaakt.
Achtergrond: de zaak toont hoe spanningen over veranderkracht en leiderschap in de ouderenzorg kunnen ontsporen, juist nu instellingen onder druk staan door groeiende zorgvraag en schaarste aan personeel en middelen.