By de FNP betsjut minder Frysk mear kiezers
In dit artikel:
De schrijver signaleert dat de Fryske Nasjonale Partij (FNP) vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen steeds vaker meertalig campagne voert, waarbij het Fries naar de achtergrond dreigt te verdwijnen. In zijn gemeente Waadhoeke valt op dat het verkiezingsprogramma onder de titel "Vertrouwen" in eerste instantie in het Nederlands verschijnt; de Friese versie is slechts via een klein knopje bereikbaar. Tegelijk benadrukt de FNP in tekst en beleid juist het belang van taal voor identiteit en wil zij “taalrijkdom” bevorderen — een spanning tussen woord en daad die de auteur opmerkt.
In Leeuwarder kring valt hetzelfde patroon op: de lokale FNP-afdeling gebruikt vooral Nederlands op sociale media en in berichten, bijvoorbeeld bij felicitaties of politieke protesten (zoals bij niet-terugbetaalde teveel betaalde OZB). De landelijke/informatieve website presenteert zich in het Nederlands en met beeldtaal die eerder nationale dan Fries-ancora lijkt te adverteren, wat de indruk wekt dat de partij kieswinst belangrijker vindt dan consequent Fries voeren.
De kernvraag die de tekst oproept is strategisch en normatief tegelijk: spreekt de FNP kiezers beter toe door Nederlands te gebruiken — en daarmee misschien meer stemmen te winnen — of verliest ze daarmee haar raison d’être als verdediger van het Fries en regionale identiteit? De auteur verwijst naar eerdere acties van de partij (zoals voorrang geven aan Friese plaatsnamen) en ziet in de huidige meertalige aanpak een mogelijke ondermijning van dat taalpolitieke doel.
Abe de Vries, schrijver en Friesch Dagblad-journalist, besluit met een persoonlijke noot: hij waardeert de thema’s vertrouwen en respect in het lokale programma, maar blijft twijfelen welke kleur hij op 18 maart zal aankruisen. De observatie functioneert als waarschuwing dat politieke tactiek — het aanspreken in het Nederlands — onbedoeld kan verschuiven naar een praktijk waarin het Fries als B-taal gemarginaliseerd raakt.