Burgerideeën IJsselmeerkust niet gehoord
In dit artikel:
Het programma Versterken Friese IJsselmeerkust krijgt ruim 18 miljoen euro (ongeveer 13 miljoen van het Rijk en 5 miljoen regionaal) om de kust de komende jaren ecologisch en waterveilig te versterken, maar lokale bewoners reageren kritisch. Tijdens drukbezochte bijeenkomsten in Oudemirdum en Makkum klaagden omwonenden dat de maatregelen vooral natuurtechnisch zijn en te weinig bijdragen aan recreatieve toegankelijkheid en behoud van cultuurhistorie.
Centraal in de onvrede staat de verdwenen Digitale Ideeënkaart (DIK), waarop inwoners sinds 2019 voorstellen voor strandjes, korte recreatieroutes en kleinschalige voorzieningen konden plaatsen. Geert de Vries (Wurkgroep Fryske Iselmarkust), maker van de DIK in opdracht van de provincie, zegt: „Het is er gewoon vanaf gehaald. Zonder opgave van reden.” De provincie verklaart dat de kaart aan vervanging toe was en momenteel wordt vernieuwd om gebruiksvriendelijker te zijn en duidelijker te tonen welke initiatieven zijn beoordeeld en waarom; de vernieuwde kaart moet voor de zomer terugkomen.
De geplande ingrepen van Rijkswaterstaat, de provincie en Wetterskip Fryslân richten zich vooral buitendijks: aanleg van overstromingsgraslanden, luwe zones, herstel van waterriet en uitbreiding van leefgebieden voor vogels en vissen. Dat leidt tot concrete voorstellen zoals dammen in baaien, afsluitingen van open water en aanleg van rietmoerassen op recreatieplaatsen. Bewoners vrezen dat zulke werken bestaande cultuurhistorische elementen en veilige doorgangen beschadigen — voorbeelden zijn een zeventiende-eeuwse pier met grafzerken en paaltjes op de Wieldyk die de verkeersveiligheid voor fietsers aantasten.
Lokale actiegroepen (WFI, Bosk en Greide) verwijten dat beloofde wandel- en fietsroutes nog niet zijn uitgewerkt of aangelegd, terwijl natuurprojecten wel doorgaan. De provincie benadrukt dat het programma gericht is op waterveiligheid, vermindering van overstromingsrisico’s en verbetering van ecologische waterkwaliteit, en dat plannen zijn gebaseerd op eerder verzamelde regionale initiatieven (Aanbiedingsdocument, medio 2022). Een duidelijke spanningslijn blijft echter bestaan tussen ecologische doelen en wensen van bewoners voor toegankelijkheid en behoud van erfgoed, waardoor participatie en transparantie volgens critici urgenter zijn dan ooit.