Burgemeester Johannes Kramer verrast door schaatsende Máxima: 'Yn ien kear ried de keninginne it iis op'
In dit artikel:
Burgemeester Johannes Kramer van Noardeast-Fryslân kijkt nog steeds met trots terug op het Koningsdagbezoek van maandag 27 april in Dokkum. Het koninklijke gezelschap verbleef ongeveer twee uur in de stad; voor de burgemeester was het een dag waar hij al maanden naar uitkeek en die hem weinig slaap opleverde: „Troch alle adrenaline koe ik wat min yn ‘e sliep komme”, zegt Kramer de ochtend erna.
Het hoogtepunt volgens Kramer was het schaatsen op een speciaal aangelegde ijsvloer op de Vleesmarkt, waar de organisatie sfeer van een Elfstedentocht probeerde te vangen. Dat lukte ruimschoots: koning Willem-Alexander keerde aldus ruim veertig jaar na zijn voorlaatste elfstedenkruisje in 1986 terug op het ijs, en tot Kramers verrassing schoof ook koningin Máxima direct het ijs op. Prinses Ariane deed later mee, waardoor er een ontspannen en aansprekend drietal op het ijs verscheen. Eerder had Kramer zich zorgen gemaakt over de ijskwaliteit na een zonnige zondag, maar maandag lag de baan er perfect bij.
Kramer omschrijft de koninklijke familie als vriendelijk, geïnteresseerd en geduldig: onderweg namen ze tijd voor praatjes, handdrukken en korte aanrakingen. Die benadering, gecombineerd met goede sfeer in de stad, maakte de dag extra geslaagd. Naar schatting 21.000 mensen trokken naar Dokkum om de festiviteiten bij te wonen.
Na het bezoek bleven positieve reacties op zijn telefoons binnenstromen; Kramer is blij en enigszins overweldigd door het succes. Woensdag pakt hij zijn gewone burgemeesterswerk weer op, maar eerst blijft hij nog even nagenieten van wat hij een „fantastyske dei” noemt.
Achtergrond: Dokkum ligt in Friesland en is een van de steden in de Elfstedentochttraditie, wat de keuze voor een schaatsvloer en de bijzondere waardering voor het koninklijke schaatsmoment verklaart.