Bestuurders Dost en Gerritsma beginnen aan zware klus op Drachtster Lyceum: 'Enorme tegenvaller'
In dit artikel:
Het Drachtster Lyceum worstelt al meer dan tien jaar met onrust en wisselende leiding, en nieuwe directeuren Nynke Gerritsma (61) en bestuurder Frank Dost (40) willen dat veranderen. De aanleiding is pijnlijk concreet: na magere examens (vorig jaar slaagde 60% van de leerlingen) kreeg de havo opnieuw een onvoldoende van de inspectie. Gerritsma en Dost namen de uitdaging bewust aan om rust, vertrouwen en richting terug te brengen.
De school kende in tien jaar acht verschillende rectoren, wat volgens hen leidde tot een gebrek aan samenhang en onduidelijke koers. Gerritsma ziet veel inzet van leerlingen en docenten en spreekt van een school met potentie die “opgepoetst” moet worden; Dost benadrukt dat zaken moeten worden verbonden zodat iedereen weet welke kant op wordt gegaan. Hij vergelijkt de huidige situatie met een wedstrijd waarin deelnemers alle kanten op rennen: er gebeuren mooie dingen, maar ze zijn niet op elkaar afgestemd.
Oorzaken van de slechte havo-resultaten liggen volgens het nieuwe duo deels in die instabiliteit: havo-leerlingen reageren gevoeliger op wisselingen dan vwo’ers. Ook speelt “determinatie” een rol: ruim 20% van de leerlingen zit boven het schooladvies van de basisschool (norm is circa 5%), waardoor veel sterke havoleerlingen naar vwo doorstromen en beide afdelingen onder druk komen te staan.
In plaats van nieuwe, ingrijpende beleidsplannen willen Gerritsma en Dost vooral bestaande maatregelen consequent uitvoeren. Kernacties zijn het vasthouden van recente rust, het helder vastleggen en naleven van taken via het professionele statuut, het bieden van extra ondersteuning (banduren, huiswerkklas) en investeringen in goed gedifferentieerde lessen zodat docenten beter inspelen op niveauverschillen. Dost, die zijn eerste bestuursfunctie bekleedt na een loopbaan als docent en schoolleider, legt de nadruk op verbinding en samenwerking; Gerritsma, ervaren rector die langer wil blijven dan voorgaande leiders, wil stabiliteit en continuïteit brengen.
De inspectie komt in februari en opnieuw in september; dat geeft het team een strakke deadline om de organisatie en resultaten op orde te krijgen. Het nieuwe bestuur erkent de reputatie van de school en ziet dat als motivatie: onder het vergrootglas moet het onderwijs aantoonbaar verbeteren. Ze lezen kritisch terug op het bewogen verleden — ook de periode van voorganger Eric van ’t Zelfde — maar kiezen nu bewust voor een koers gericht op rust, vertrouwen en uitvoering.