'Bestemming onbekend' voor hekkelspecie uit Leeuwarder PFAS-sloten
In dit artikel:
Op een industrieterrein ten zuiden van Leeuwarden ligt sinds oktober een berg met ongeveer 1.800 ton hekkelspecie (modder en waterplanten) die is opgehaald uit sloten rond Vliegbasis Leeuwarden. De bagger bevat PFAS uit militaire blusschuim en is na het schoonmaken door loonbedrijf Jelle Bijlsma eigendom geworden van Wetterskip Fryslân en de gemeente Leeuwarden. De partij staat opgeslagen op de Tijdelijke Opslag Leeuwarden (TOP), maar er is onduidelijkheid over de juiste omgang ermee.
Woordvoerder Cor de Boer van Wetterskip zegt dat er „geen pasklare gebruiksaanwijzing voor de omgang met hekkelspecie” bestaat. Omdat er geen specifieke normen voor hekkelspecie zijn, overwegen de eigenaren de bagger volgens bestaande hergebruiksnormen voor grond te behandelen; die normen laten toepassing op industrieterreinen en wegen toe. Om juridische risico’s te vermijden laten gemeente en waterschap die keuze eerst door juristen toetsen; hun conclusies zijn nog niet binnen.
Het waterschap heeft tot nu toe circa €300.000 uitgegeven aan de operatie; die kosten worden genoteerd om te verhalen op het ministerie van Defensie, verantwoordelijk voor de PFAS-lozingen. De specie komt niet uit de zwaarst vervuilde waterlopen (Jelsumer Feart, Lytse Feart) maar uit kleinere sloten, wat verklaart waarom toepassing volgens grondnormen ogenschijnlijk mogelijk lijkt.
Het dossier illustreert een groter probleem: regelgeving is vooral gericht op verwijdering en hecht te weinig waarde aan vernietiging van PFAS — pas door vernietiging verdwijnt het gevaar van deze zeer persistente ‘forever chemicals’. Ondernemers die technieken voor vernietiging ontwikkelen (zoals tijdens recente Wetsus-presentaties) lopen tegen het gebrek aan heldere juridische kaders aan. Tegelijk moeten gemeente en waterschap door met periodiek onderhoud en baggeren; langdurig stoppen met hekkelen bedreigt de waterafvoer en is dus geen optie.