Basisrechten menselijke waardigheid voor iedereen op Europees grondgebied
In dit artikel:
Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in Straatsburg heeft eind maart en op 9 april drie belangrijke uitspraken gedaan die de rechten van asielzoekers en migranten in Europa benadrukken. Op 26 maart stelde het Hof Zweden in het ongelijk omdat een Afghaanse asielzoeker teruggestuurd was zonder voldoende onderzoek naar zijn vrees voor vervolging door de Taliban. Op 9 april oordeelde het Hof dat Italië onrechtmatig handelde door een niet-begeleide minderjarige in een opvangcentrum voor volwassenen in mensonterende omstandigheden te plaatsen; hij had passende huisvesting en begeleiding moeten krijgen. Op diezelfde dag trof ook België blaam omdat vier asielzoekers tot wel een jaar op straat leefden door falende opvang.
De bekendmaking van deze arresten werd deels verspreid via LinkedIn door Felix Ronkes Agerbeek, jurist bij de juridische dienst van de Europese Commissie, die in zijn vrije tijd juridische informatie in het Nederlands toegankelijk maakt. Volgens hem is dit nieuws relevant nu in de EU, in de Nederlandse Eerste Kamer en op gemeentelijk niveau fel wordt gedebatteerd over hoe asielzoekers moeten worden opgevangen.
Belangrijke context: het EHRM is onderdeel van de Raad van Europa en niet van de Europese Unie, maar alle EU-lidstaten zijn lid van die Raad. Daardoor hebben de uitspraken grote gevolgen voor hoe Europese landen hun asiel- en opvangbeleid moeten inrichten. Hoewel het Hof sinds 2020 de meeste zaken over vluchtelingenrechten heeft afgewezen (meer dan 90% wereldwijd, 98% voor Nederland), lijken de recente vonnissen aan te geven dat basisrechten zoals onderdak, voedsel en veilige opvang voor aanvragers tijdens de procedure strikt moeten worden gegarandeerd.
Praktische implicaties zijn concreet: gemeenten en nationale politiekers moeten zorgen voor menswaardige opvanglocaties en voldoende begeleiding, ook voor kwetsbare groepen zoals ongeleide minderjarigen. Het pleidooi tegen het uitgangspunt ‘eigen bevolking eerst’ kan juridisch minder houdbaar blijken te zijn. Voor de Eerste Kamer betekent dit dat wetsvoorstellen over asielopvang juridisch getoetst moeten worden aan deze recente jurisprudentie en aan het aanstaande Europese Asiel- en Migratiepact. Een ministersverklaring over het waarborgen van menselijke waardigheid op Europees grondgebied wordt in mid-mei verwacht, wat verdere druk op lidstaten kan leggen.