Anna (42) werd jarenlang geterroriseerd door haar ex-man. 'Opstappen was geen optie, dan dreigde hij mij iets aan te doen'

zaterdag, 18 april 2026 (07:12) - Leeuwarder Courant

In dit artikel:

Anna (pseudoniem, 42) vertelt hoe ze jarenlang onderwierp werd aan dwingende controle en geweld door haar inmiddels ex-man, een acht jaar oudere middelbare scholengemeester uit Leeuwarden. Wat begon als een intense, liefdevolle start — ontmoet op een feest in Amsterdam toen zij 18 was — veranderde binnen maanden in manipulatie, isolatie en fysiek geweld. Na hun verhuizing raakte zij steeds meer van haar sociale netwerk afgesneden; hij tapte haar telefoon af, plaatste camera’s in huis, belde haar voortdurend en controleerde haar bewegingen.

De omslag volgde geleidelijk: love bombing en schijnbare zorg maakten plaats voor leugens, woede-uitbarstingen en gaslighting. Hij dwong haar kledingkeuze, liet haar wiet halen omdat hij in zijn rol als docent niet herkend wilde worden als gebruiker, en zorgde dat zij aan zichzelf ging twijfelen. Binnen korte tijd waren er kinderen — volgens deskundigen een veelgebruikte “babytrap” om het slachtoffer vast te binden. Anna beschrijft ook herhaaldelijke verkrachtingen binnen het huwelijk (onder meer op vakantie op Tenerife), wurgingpogingen, bedreigingen met de dood en mishandeling van de zoons.

Anna verzamelde uiteindelijk bewijs — foto’s van blauwe plekken, e-mails naar haar moeder vanaf een vakantielocatie, opnames en dagboeknotities — en stapte, met steun van collega’s en een vriendin, naar de politie. De agenten stelden een risicoanalyse op; er bleek zelfs een tracker onder haar auto te zitten. Haar ex werd uit huis gehaald, later veroordeeld door de rechtbank in Leeuwarden tot drie jaar cel, waarvan één jaar voorwaardelijk, voor verkrachting en mishandeling van haar en hun kinderen; hij is in hoger beroep gegaan. Anna is hertrouwd en woont met haar kinderen in Zuid-Friesland; haar zoons krijgen intensieve traumatherapie.

Deskundigen verklaren dat Anna’s ervaring geen uitzondering is voor dwingende controle, een vorm van huiselijk geweld die begint met charmante, overdadige aandacht en via isolatie en psychische druk uitmondt in totalitaire dominantie. Iris Peperkamp (GZ-psycholoog, Radboud Universiteit) legt uit dat slachtoffers vaak op het verkeerde been worden gezet door de tomeloze start van de relatie en daardoor blijven hopen op herstel. Gebi Rodenburg (psycholoog, lid platform Hulp bij dwingende controle) benadrukt dat plegers actief scannen, spiegelen en manipuleren; ze zoeken partners die ze kunnen “objectifiëren” en controleren.

Cijfers schetsen de omvang: volgens de Blijf Groep zijn er jaarlijks circa 200.000 slachtoffers van ernstig huiselijk geweld en meldt minder dan een derde zich bij de politie. De Prevalentiemonitor 2020 van het CBS meldde dat ruim 9% van de bevolking (vanaf 16 jaar) in de voorgaande vijf jaar één of meerdere vormen van dwingende controle ervoer; bijna 5% was dat in de afgelopen twaalf maanden — ruim 680.000 mensen. Daarnaast is verkrachting in relaties geen zeldzaamheid: ongeveer 8% van de vrouwen zegt door een partner te zijn verkracht.

Herkenning en hulpverlening blijven problematisch. Dwingende controle levert niet altijd zichtbaar fysiek letsel op en plegers kunnen in contactmomenten uiterst charmant en meewerkend lijken, waardoor korte intakes zelden de patronen blootleggen. Peperkamp en Rodenburg wijzen erop dat veel hulpverleners onvoldoende zijn getraind in feitelijk onderzoek naar dit fenomeen; programma’s zoals Scheiden zonder schade (2018–2021) hebben soms onbedoeld slachtoffers benadeeld door hen als “strijdig” te bestempelen.

Praktische adviezen uit het verhaal: zoek steun en rapporteer geweld; bewaar bewijsmateriaal (appjes, foto’s, medische dossiers), houd een dagboek bij en neem getuigen in vertrouwen. Anna zelf zegt: “Als ik hiermee ook maar één vrouw help, dan heeft dit artikel zin gehad.” Ze waarschuwt dat dwingende controle alle lagen van de samenleving kan treffen — ongeacht opleiding of sociale status — en onderstreept dat erkenning en bewijs cruciaal zijn om uit zo’n gevaarlijke relatie te komen en gerechtigheid te behalen.

Het verhaal illustreert zowel de sluipende aard van intieme terreur als de noodzaak van betere signalering, langer en dieper onderzoek door professionals en betaalbare, toegankelijke steun voor slachtoffers en hun kinderen.