Andries (26) kocht de bekendste bouwval van Leeuwarden: 'Ik wilde dit huis echt heel graag hebben'
In dit artikel:
De 26‑jarige Andries Tuinhof kocht deze zomer een sterk verwaarloosd huis aan de Spoorstraat in Leeuwarden dat met foto’s van verroeste, stoffige kamers en lekkages het internet rondging. Waar veel kopers bij zulke ‘kluswoningen’ afhaken, zag Tuinhof juist potentie: het pand uit 1920 heeft een erker, glas‑in‑loodramen en siermetselwerk die hem en zijn vader, die timmerman is, meteen aanspraken.
Het huis stond te koop voor 125.000 euro en trok tientallen kijkers; om de concurrentie te slim af te zijn deed Tuinhof een fors hoger bod. Hij werkt als technicus bij onderzoeksinstituut Wetsus en heeft daarnaast een eigen engineeringbedrijf. Samen met familie wil hij de verbouwing grotendeels zelf uitvoeren; hij rekent op ongeveer 100.000 euro aan kluskosten. Omdat hij nog bij zijn ouders woont, heeft hij geen dubbele woonlasten en kan de restauratie rustig en kwaliteitgericht plaatsvinden.
De kopersgeschiedenis van het pand is schrijnend: de vorige bewoner gebruikte elk hoekje als opslag en is uiteindelijk door de bank uit zijn huis gezet. Tuinhof kocht de woning mét volledige inventaris van de bewindvoerder en is sinds de overdracht wekenlang bezig met ‘ontspullen’. Hij trof vreemde en waardevolle relicten aan — van een ridderoorkonde en piano’s vol boeken tot munitie uit de Tweede Wereldoorlog — maar ook gevaarlijke en verontrustende stapels spullen zoals autobanden op het dak, wat tot verzakking leidde, en tientallen flessen lampenolie in de kelder.
Praktisch is Tuinhofs aanpak kamer‑voor‑kamer: meerdere containers zijn al volgeladen, het overwoekerde terrein is gesnoeid en de kozijnen staan bovenaan de prioriteitenlijst; dakwerk schuift door het winterseizoen even door. Hij wil het huis grondig herstellen en daarbij families en vrienden betrekken voor indelingsideeën; mogelijk richt hij een kamertje in om tijdens klusdagen te kunnen overnachten.
Het project heeft veel aandacht in de buurt getrokken; het pand is volgens Tuinhof inmiddels “het populairste huis van Leeuwarden”, met voorbijgangers die komen kijken en spreken over het grote karwei. Kleine tegenslagen treffen hem ook: de originele messing brievenbus is gestolen. Desondanks blijft hij enthousiast over de unieke uitstraling en de locatie van het huis en ziet hij de renovatie als kans om samen met zijn vader iets blijvends te maken.
Het verhaal van Tuinhof is onderdeel van een bredere reportage over Friezen die bewust kiezen voor bouwvallen. Naast de menselijke kant — het herstellen van een verwaarloosd erfgoed en het ontdekken van iemands achtergelaten leven — toont het ook actuele trends: steeds minder woningzoekers willen een grote klus, maar er blijven kopers die de uitdaging en de karakteristieke elementen van oudere huizen waarderen.