Actie weduwe en korfballers Drachten voor Odensehuis Dirk Baron. 'Op jonge leeftijd overleden Omrop-presentator was echte clubman'
In dit artikel:
Bij korfbalvereniging KV Drachten stond zaterdag alles in het teken van Alzheimer en de Odensehuizen die de naam dragen van Dirk Baron. In de kantine en zelfs bij de toiletten waren QR-codes geplakt; wie iets at, een lot kocht of de toegang van de wedstrijd schonk, doneerde aan onderzoek naar de ziekte en aan de lokale Odensehuizen. Bezoekers van het eerste team kregen de keuze om de wedstrijprijs te betalen of dat bedrag te doneren, en de hogere teams droegen tijdens de dag de zogeheten alzheimer socks die ook te koop waren.
De actie ving aan op initiatief van eerste-elftalspeler Redmar Bauer, die het belangrijk vond meer aandacht te vragen voor dementie — ook bij jonge mensen. Zijn oproep, in goed overleg met Dieke Broersma (echtgenote van Dirk Baron), leverde zaterdag ruim 800 euro op en de verkoop van ongeveer 150 paar alzheimer socks. Met de opbrengst wil Odensehuis Dirk Baron onder meer polaroid-camera’s of een fotoprinter aanschaffen voor activiteiten en fotoboeken voor bezoekers.
Dirk Baron, voormalig verslaggever en presentator bij Omrop Fryslân, was sterk verbonden met KV Drachten en zette veel PR- en organisatieklussen voor de club op zich. In 2015 kreeg hij op 35‑jarige leeftijd de diagnose Alzheimer; hij overleed op 37‑jarige leeftijd. Kort voor zijn dood bezocht hij samen met Dieke Broersma het eerste Odensehuis in Leeuwarden, een laagdrempelige ontmoetingsplek naar Deens voorbeeld waar informatie, advies en activiteiten rond dementie worden aangeboden. Diekes ervaring met dat bezoek leidde ertoe dat er nu meerdere Odensehuizen in Friesland zijn — in Drachten, Beetsterzwaag en Ureterp — die zijn naam dragen.
Dieke geeft aan dat de ziekte in hun familie een erfelijke variant betreft; afgelopen zomer overleed ook Dirks broer Willem daaraan. Ze waardeert de steun van de club en hoopt dat dergelijke initiatieven in de toekomst kunnen voortleven, maar benadrukt dat een grote vereniging ook ruimte moet hebben voor andere goede doelen.